De transitievergoeding is voor veel MKB-werkgevers een van de meer onverwachte kostenposten bij ontslag. De berekening is op het eerste gezicht eenvoudig, maar de grondslag bevat meer dan alleen het basisloon — en kleine fouten kunnen leiden tot naheffingen of juridische procedures. Bovendien verandert er per 1 januari 2027 iets belangrijks voor werkgevers die te maken hebben gehad met langdurige ziekte: staat de compensatieregeling onder druk: er ligt een wetsvoorstel om haar te beperken of af te schaffen (beoogd 1 januari 2027, nog niet aangenomen). In dit artikel leest u alles wat u als werkgever moet weten.
Sinds de invoering van de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) per 1 januari 2020 heeft een werknemer recht op een transitievergoeding vanaf de eerste dag van de arbeidsovereenkomst — er geldt geen minimale diensttijd meer. De transitievergoeding is verschuldigd in de volgende situaties:
Er zijn situaties waarin de transitievergoeding niet verschuldigd is. De meest voorkomende:
De transitievergoeding bedraagt ⅓ maandloon per volledig dienstjaar. Gedeeltelijke dienstjaren worden naar rato berekend. Er geldt één uniform percentage voor het gehele dienstverband — de vroegere hogere opbouw na tien jaar is per 1 januari 2020 afgeschaft.
| Dienstjaren | Opbouw per jaar | Opbouw cumulatief |
|---|---|---|
| Jaar 1 t/m jaar 10 | ⅓ maandloon | — |
| Jaar 11 en verder | ⅓ maandloon | — |
| Gedeeltelijk jaar | Naar rato | — |
| Maximum (2026) | € 102.000 bruto, óf één bruto jaarsalaris als de werknemer méér verdient dan dat bedrag (jaarlijks geïndexeerd) | |
De berekeningsgrondslag is niet simpelweg het vaste bruto maandloon. Op grond van het Besluit loonbegrip vergoeding aanzegtermijn en transitievergoeding en de Regeling looncomponenten en arbeidsduur bestaat het "maandloon" uit een limitatief bepaalde set componenten:
Het gaat om een limitatieve lijst. Looncomponenten die hier niet onder vallen — en niet-overeengekomen beloningen, zoals een eenzijdig toegekende gratificatie — tellen niet mee. Ook onkostenvergoedingen, reiskostenvergoedingen en het werkgeversaandeel in de pensioenpremie tellen niet mee.
De transitievergoeding is voor de werknemer belast loon. U houdt als werkgever loonheffing in via de tabel bijzondere beloningen. Het bijzonder tarief is afhankelijk van het jaarloon van de werknemer. Bij hogere vergoedingen — zeker wanneer het bedrag optelt bij het reeds genoten jaarloon — kan de werknemer in de hoogste belastingschijf terechtkomen (49,50%). Wijs de werknemer hierop en stem de nettoverwachting vooraf af.
Voor de werkgever is de transitievergoeding in beginsel aftrekbaar als bedrijfslast. Er zijn echter specifieke regels voor de timing van aftrek die samenhangen met het moment van betaling en de ontslagprocedure. Bespreek dit met uw accountant.
Dit is het meest urgente aandachtspunt voor werkgevers die te maken hebben — of kunnen krijgen — met langdurig zieke werknemers. De compensatieregeling bij langdurige arbeidsongeschiktheid (art. 7:673e BW) is op dit moment nog volledig van kracht: alle werkgevers, groot en klein, kunnen de betaalde transitievergoeding terugvragen bij UWV. Maar er ligt een wetsvoorstel dat daar een einde aan maakt.
Belangrijk: dit is nog geen geldend recht. Het betreft een wetsvoorstel dat nog niet is aangenomen — zowel de Tweede als de Eerste Kamer moeten zich er nog over uitspreken, en de ingangsdatum staat formeel niet vast. De beoogde datum is 1 januari 2027; eerder was dat 1 juli 2026, maar die datum is niet gehaald. Tot inwerkingtreding verandert er niets aan de huidige regeling.
Wat het voorstel inhoudt, in twee stappen: het oorspronkelijke voorstel (eind 2025 ingediend) beperkt de compensatie tot kleine werkgevers — grofweg werkgevers met minder dan 25 werknemers. In een recente nota van wijziging gaat het kabinet verder en wordt de compensatie voor álle werkgevers afgeschaft, ook voor kleine werkgevers en ook de variant bij bedrijfsbeëindiging. De richting is duidelijk, maar de exacte eindvorm en de datum hangen af van de parlementaire behandeling.
De compensatieregeling is in 2020 ingevoerd om een pijnpunt voor werkgevers weg te nemen: wie na twee jaar ziekte een werknemer moest ontslaan, was naast twee jaar loon doorbetalen ook nog eens de transitievergoeding verschuldigd. Dat voelde dubbel. De compensatieregeling maakte het mogelijk om de betaalde transitievergoeding achteraf terug te vragen bij UWV.
De compensatie is gelijk aan de betaalde transitievergoeding, maar kent grenzen: niet meer dan de transitievergoeding die verschuldigd was op het moment dat de loondoorbetalingsverplichting (na 104 weken) eindigde, en niet meer dan het feitelijk betaalde bedrag. Werkgeverspremies en wettelijke rente vergoedt UWV niet. Loon dat u tijdens een eventuele loonsanctie heeft doorbetaald, telt niet mee.
De beperking is onderdeel van een bredere hervorming van de sociale zekerheid. De compensatieregeling bleek in de praktijk gepaard te gaan met hoge uitvoeringskosten voor UWV en een aanzienlijke administratieve last voor werkgevers. Bovendien werd de regeling gezien als een instrument dat de prikkel om re-integratie serieus op te pakken verminderde. Het nieuwe kabinet heeft het wetsvoorstel ingediend om de regeling niet voort te zetten.
| Situatie | Nu (geldend recht) | Als het wetsvoorstel doorgaat (beoogd 1-1-2027) |
|---|---|---|
| Kleine werkgever (loonsom ≤ 25× gem. premieplichtig loon) | Compensatie aanvraagbaar bij UWV | Oorspronkelijk voorstel: behoudt compensatie — maar nota van wijziging beoogt óók afschaffing |
| Middelgrote of grote werkgever | Compensatie aanvraagbaar bij UWV | Geen compensatie meer |
| Reeds betaalde gevallen (betaald vóór de ingangsdatum) | Aanvraag binnen 6 maanden na volledige betaling | Overgangsrecht; tijdig aanvragen blijft mogelijk |
| Financieel risico werkgever | Deels gedekt via compensatieregeling | Voor eigen rekening, voor zover de regeling vervalt |
Als het wetsvoorstel doorgaat, maakt dit het risicomanagement rond langdurige ziekte voor MKB-werkgevers aanzienlijk zwaarder. Een medewerker die twee jaar ziek is en daarna ontslagen moet worden, kost u naast twee jaar loondoorbetaling ook de volledige transitievergoeding — mogelijk zonder vangnet, als het wetsvoorstel doorgaat. Dat kan voor een kleine werkgever al snel tienduizenden euro's zijn.
Twee maatregelen zijn het overwegen waard. Ten eerste een verzuimverzekering die de loondoorbetalingsverplichting dekt — dit is voor veel MKB-bedrijven al standaard. Ten tweede een aanvullende verzekering die ook de transitievergoeding na langdurige ziekte dekt. Niet elke verzekeraar biedt dit aan, maar het aanbod groeit naarmate het wetsvoorstel vordert.
Burgerlijk Wetboek, art. 7:673 — transitievergoeding · BW art. 7:673e — compensatieregeling bij langdurige arbeidsongeschiktheid (wetsvoorstel tot beperking/afschaffing aanhangig; beoogde ingang 1-1-2027, nog niet aangenomen) · Kamerbrief min. SZW 24 april 2026 (uitstel inwerkingtreding); nota van wijziging wetsvoorstel beperken compensatieregeling · Wet arbeidsmarkt in balans (WAB), 1 januari 2020 · Besluit loonbegrip vergoeding aanzegtermijn en transitievergoeding · Handboek Loonheffingen 2026, Belastingdienst
Wij berekenen de transitievergoeding correct — inclusief vakantiegeld en vaste toeslagen in de grondslag — en verwerken alles netjes in de eindafrekening van uw werknemer.
Neem contact op →